de Woordenschat van
Anneke Huyser

Schoonheid
Schoonheid en liefde zijn voor mij bijna inwisselbaar. De schoonheid van een mooie zonsondergang, een blad dat op het water drijft of de lach van mijn babykleinzoon opent mijn hart. In feite is schoonheid, en dus ook liefde, overal te vinden. Voor mij niet zozeer in techniek en moderne kunst, maar terwijl ik dit schrijf doemt er het beeld op van de skyline van Rotterdam, bekeken vanaf de Van Brienenoordbrug. Dit vind ik toch ook pure schoonheid, evenals de besneeuwde bergen in de Alpen of in de Himalaya of een authentiek bergvolk ergens in Birma of Laos. Schoonheid roept liefde op en liefde schoonheid. De schoonheid van gewone mensen, op reis of in mijn eigen omgeving. Vaak probeer ik zulke beelden op de foto vast te leggen en kan ik intens genieten als ik die foto’s weer terugzie.
Inspiratie
Als auteur van boeken in de non-fictie sector word ik door vele onderwerpen geïnspireerd. Als lezeres van ontelbare boeken, (semi)wetenschappelijk, literatuur, thrillers en wat dies meer zij krijg ik heel veel inspiratie voor mijn eigen boeken. Mijn grote wens is om ooit nog eens fictie te schrijven of zoals mijn zoon het regelmatig stelt: Mam, je moet een spirituele roman gaan schrijven. Tja, daar zit hem nu de kneep. Inspiratie genoeg en als ik mij er dan werkelijk voor openstel, komt deze vervolgens met zo’n overweldigende waterval over mij heen dat ik allerlei situaties en beelden snel achter elkaar of tegelijkertijd gewaarword, dat mijn vingers mijn gewaarwordingen op papier of op het toetsenbord niet kunnen bijhouden. 'In klad' heb ik dan ook wel al het een en ander kunnen noteren, maar als het dan op de diepgang neerkomt die ik voel en die ik in zo’n roman zou willen doorvoeren, schieten de woorden (en mijn vingervlugheid) mij schromelijk te kort. Wat ik nodig heb om mijn roman gestalte te geven is bovenal een combinatie van innerlijke rust en stilte.
Authenticiteit
Mijn zwarte poes Joplin placht altijd op de vensterbank naast het zwarte beeld van de Egyptische kattengodin Bast te gaan zitten mediteren en hierbij zachtjes heen en weer te wiegen. Dat is voor mij authenticiteit. Helemaal jezelf, je niets van anderen aantrekken en gewoon er zijn. Dat is vaak de moeilijkheid in de hectiek van het dagelijkse leven en alles wat er 'moet' gebeuren. In mijn boeken probeer ik de lezers en lezeressen aan te sporen om contact met hun eigenheid en hun innerlijke kern (ziel of hogere zelf) te leggen door middel van oefeningen, meditaties en visualisaties. Dat plekje in jezelf, waar je werkelijk jij bent en niet de geconditioneerde egopersoon die je dagelijks moet spelen. Zelf probeer ik dat uiteraard ook en soms lukt het mij om even in die toestand te verkeren. Door mijzelf er steeds aan te herinneren dat ik een authentiek zelf heb of ben, schemert dit steeds vaker door mijn ego heen. Ook hierbij is een combinatie van innerlijke rust en stilte noodzakelijk.
Sterfelijkheid
Wanneer er weer eens iemand in mijn omgeving (vooral iemand die van gelijke leeftijd of jonger is dan ikzelf en die ik goed gekend heb) dood gaat, dan loop ik tegen mijn eigen sterfelijkheid op. Dat is mijn dilemma tussen eeuwigheid en sterfelijkheid. Deze twee termen zijn voor mij onlosmakelijk met elkaar verbonden. Er is mijns inziens iets dat eeuwig is en iets dat sterfelijk is. In zeker zin sterf ik elke dag een beetje, d.w.z. kom ik elke dag een dag eerder bij mijn dood. Waar ik op zich niet bang voor ben, maar wat toch een onherroepelijke overgang naar een andere werkelijkheid betekent, waardoor ik al het bekende achter moet laten. En daar heb ik absoluut nog geen zin in. Mijn ouders zijn nu rond de negentig en denken eigenlijk nog niet aan de dood, hoewel mijn moeder de laatste maanden belangstelling krijgt voor het Tibetaanse Dodenboek. De Tibetanen en nog vele andere volken 'geloven', nee weten, dat het leven na de dood verdergaat en dat je na verloop van tijd weer incarneert op aarde. Tenzij je het 'Boeddhaschap' verkregen hebt, waardoor de kringloop van leven, dood en wedergeboorte onderbroken wordt en je niet meer als aardse sterveling hoeft te incarneren.
Zingeving
Uit het vorige woord 'sterfelijkheid' volgt voor mij onlosmakelijk 'zingeving'. Wat is nu de zin van dit alles, van het geploeter op aarde en van de heerlijkheid van de hemel (zoals dat ons tenminste door diverse religies wordt voorgeschoteld)? Ik kan hierop geen 'zinnig' antwoord geven. Ik kan hierover wel gaan filosoferen en speculeren, maar dan lijkt het erop of ik mijn waardevolle tijd aan het verdoen ben. Op een antiquarenbeurs zag ik laatst op een van de kramen een boekje liggen met ongeveer de titel: De zin van het leven is dat het leven geen zin heeft. Ik heb het boekje niet gekocht. Zo dacht ik er op dat moment namelijk ook over, dus was dit een zinvolle bevestiging voor mij. Dat andere auteurs ook met dit onderwerp aan de slag zijn geweest, zie je aan een uitspraak van Remco Campert: 'De zin van het leven is de zin om te leven'. En daarmee slaat hij voor mij op dit moment de spijker op zijn kop. Leef, leef en leef!

Anneke Huyser studeerde sociale pedagogiek en is auteur van diverse boeken, o.a. 





